Dienstverlening - Onroerend goed - Veiling

ALGEMENE VEILINGVOORWAARDEN VOOR EXECUTIEVEILINGEN 2006

De veilingvoorwaarden zijn vastgesteld bij akte verleden op 31 januari 2006 voor mr. R.W.T. Salomons, notaris te Andel.

Begrippen
In deze Algemene Veilingvoorwaarden Voor Executieveilingen 2006 (AVVE) wordt verstaan onder:
1.  veiling
     de executoriale verkoop van registergoederen in het openbaar, ten
     overstaan van een notaris, in opdracht van een hypotheekhouder,
     een pandhouder van een onder 3 vermeld lidmaatschap of een
     beslaglegger.
2.  notaris
     de notaris of de waarnemer van zijn kantoor, te wiens overstaan de
     veiling wordt gehouden.
3.  registergoed
     de onroerende zaak die wordt geveild of het te veilen zelfstandig
     voor overdracht vatbare beperkte recht op een onroerende zaak.
     Onder het begrip registergoed wordt mede verstaan het
     lidmaatschap van een vereniging of een coöperatie, rechtgevend op
     het uitsluitend gebruik van één of meer onroerende zaken of
     gedeelten daarvan. Het begrip registergoed omvat ook de roerende
     zaken bedoeld in artikel 3:254 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek, die
     krachtens het daar vermelde pandrecht en het daar bedoelde
     beding, samen met de onroerende zaak worden geveild.
4.  verkoper
     degene(n) in wiens (wier) opdracht de veiling wordt gehouden en
     die tot het geven van die opdracht krachtens enig recht bevoegd is
     (zijn). De benaming ”verkoper” voor de hypotheekhouder,
     pandhouder of beslaglegger heeft niet ten doel enige wijziging te
     brengen in de positie waaraan hij zijn bevoegdheid tot veilen
     ontleent.
5.  bod
     elk door een gegadigde in de veiling, hetzij bij opbod hetzij bij
     afmijning, geboden bedrag dat als zodanig wordt erkend.
6.  bieder
     degene die in de veiling een bod uitbrengt, onverschillig of dit
     bij opbod of afmijning geschiedt.
7.  inzetter
     degene die bij de inzet het hoogste en als zodanig erkende bod
     heeft gedaan.
8.  inzetsom
     het hoogste bij de inzet uitgebrachte en als zodanig erkende bod.
9.  afmijnbedrag
     het bedrag waarop bij de afslag wordt afgemijnd.
10. gunning
     de verklaring van de verkoper waardoor, als resultaat van de veiling,
     de koopovereenkomst tussen de verkoper en de koper tot stand
     komt.
11. akte de command
     de notariële akte waarbij de bieder zijn volmachtgever(s) noemt.
12. koper
     degene aan wie wordt gegund, tenzij deze in een akte de command
     heeft verklaard voor één of meer anderen te hebben geboden, in
     welk geval de anderen als koper worden aangemerkt.
13. koopsom
     het bod waarvoor wordt gegund.
14. levering
     de rechtshandeling die nodig is om de koper eigenaar of
     gerechtigde te doen worden van/tot het registergoed.
15. aflevering
     het stellen van het registergoed in het bezit van de koper.
16. bijzondere veilingvoorwaarden
     de naast, in aanvulling op, of in afwijking van deze algemene
     veilingvoorwaarden geldende bepalingen, vermeld in de akte van
     veilingvoorwaarden of in het proces-verbaal van inzet en/of afslag.
17. proces-verbaal van toewijzing
     een samenstel van notariële akten bestaande uit de eventuele
     afzonderlijke akte van bijzondere voorwaarden, van het/de proces
     (sen)-verbaal van inzet en afslag, van de eventuele akte van
     gunning en van de eventuele akte de command.
18. notariële verklaring van betaling
     de notariële akte waarin ofwel door de notaris wordt verklaard dat de
     koopsom is ontvangen ofwel door de verkoper kwijting wordt
     verleend voor de koopsom.
Omschrijving registergoed
Artikel 1
1. De verkoper is verplicht het registergoed in de bijzondere
    veilingvoorwaarden op de in het rechtsverkeer gebruikelijke wijze te
    omschrijven, zo mogelijk met vermelding van of verwijzing naar die
    bijzonderheden, die mede de inhoud van de eigendom,
    respectievelijk het recht, zoals ter veiling aangeboden, bepalen.
2. De omschrijving van een beperkt recht dient voorts ten minste te
    bevatten de vermelding of de verwijzing naar:
    - de akte van vestiging en eventuele nadien in de openbare registers
       ingeschreven akten van wijziging of aanvulling;
    - de op dat recht eventueel van toepassing verklaarde algemene
       voorwaarden;
    - de geldende civielrechtelijke bestemming van het recht;
    - de geldende al dan niet periodiek verschuldigde vergoeding ter
       zake van dat recht en de eventuele mogelijkheid van herziening
       daarvan; en
    - de tijdsduur van dat recht en de eventuele mogelijkheid van
       tussentijdse beëindiging en van verlenging.
3. De omschrijving van een appartementsrecht dient voorts ten minste
    te bevatten de vermelding van of de verwijzing naar:
    - het toepasselijke reglement van splitsing;
    - de door het bestuur van de Vereniging van Eigenaars opgegeven al
      dan niet periodiek verschuldigde bijdrage; en
    - de verklaring van het bestuur van de Vereniging van Eigenaars als
       bedoeld in artikel 5:122 van het Burgerlijk Wetboek.
4. De omschrijving van een lidmaatschap dient ten minste te bevatten
    de vermelding van of de verwijzing naar:
    - de geldende statuten en reglementen met eventuele
       toelatingsbepalingen;
    - de door het bestuur opgegeven al dan niet periodiek verschuldigde
       bijdrage;
    - het hypotheekrecht waarmee gebouw en grond van de vereniging
       waarop het lidmaatschap betrekking heeft, zijn bezwaard.
Orga nisatie van de veiling
Artikel 2
1. De organisatie, voorbereiding en de volledige tenuitvoerlegging van
    de veiling berusten bij de notaris.
2. De notaris maakt de veiling en de veilingvoorwaarden bekend.
3. De notaris informeert, desgevraagd, de gegadigden, voordat tot het
    bieden wordt overgegaan, zo goed mogelijk omtrent de
    verschuldigdheid van de voor rekening van de koper komende
    belastingen en kosten.
4. De notaris heeft de bevoegdheid tijdens de zitting, ook zonder
    opgave van redenen:
    - een bod niet als zodanig te erkennen;
    - een of meer gegadigden van de veiling uit te sluiten;
    - bij de inzet de veiling te hervatten bij het voorlaatste bod, opnieuw
      tot afslag over te gaan, de veiling af te gelasten of te onderbreken;
    - andere, naar zijn oordeel noodzakelijke, maatregelen te treffen.
5. De notaris stelt vast of bij het uitbrengen van het bod een zodanige
    vergissing is gemaakt, dat, naar het oordeel van de notaris, de
    bieder niet aan het uitbrengen van zijn bod gehouden kan worden.
6. Het oordeel van de notaris omtrent alles wat zich tijdens de veiling
    voordoet en de uitleg of de toepassing van de veilingvoorwaarden
    tijdens de zitting, is -bij wijze van bindend advies- beslissend.
7. Voor alles wat de veiling betreft, kiezen de bij de veiling betrokken
    partijen woonplaats op het kantoor van de notaris.
8. Indien bij de notaris overeenkomstig de wet onderhandse biedingen
    worden gedaan, stuurt de notaris onverwijld een afschrift van het
    geschrift waaruit die bieding blijkt aan de verkoper en de eigenaar
    van of gerechtigde tot het registergoed.
Wijze van veilen
Artikel 3
1. De veiling vindt plaats in twee fasen:
    - de eerste, de inzet, bij opbod;
    - de tweede, de afslag, bij afmijning.
    Dit gebeurt na elkaar in één zitting, of gespreid over twee zittingen
    met ten minste één (1) week en ten hoogste drie (3) weken
    tussenruimte.
2. Het bieden bij opbod geschiedt openlijk op duidelijk waarneembare
    wijze.
3. Het bieden bij afmijning geschiedt mondeling door het roepen van
    het woord ”mijn” bij het afroepen van het bedrag door de afslager.
4. Brengen meer personen tegelijk het hoogste bod uit, dan wordt
    terstond tussen hen aanvullend bij opbod geveild. Indien genoemde
    personen op deze aanvullende veiling niet bieden, wordt tijdens de
    zitting de hoogste bieder aangewezen door middel van loting ten
    overstaan van de notaris.
5. Het hoogste bod is afhankelijk van het plaatselijk gebruik waar de
    veiling wordt gehouden en is hetzij het afmijnbedrag hetzij de
    optelsom van het afmijnbedrag en de inzetsom. In het eerste geval
    dient het afmijnbedrag hoger dan de inzetsom te zijn. Wordt niet
    afgemijnd, dan geldt de inzetsom als hoogste bod.
6. Uiterlijk bij het begin van de veilingfase waarin de afslag plaatsvindt,
    wordt bekendgemaakt of het hoogste bod wordt gevormd door de
    optelsom van het afmijnbedrag en de inzetsom dan wel alleen door
    het afmijnbedrag.
7. Indien de verkoper meer registergoederen in veiling brengt, kan hij
    deze bij de afslag, behalve afzonderlijk, ook in één of meer
    combinaties aanbieden, mits het voornemen daartoe bekend is
    gemaakt uiterlijk bij het begin van de veilingfase waarin de afslag
    plaatsvindt.
Bod
Artikel 4
1. Elk bod is onvoorwaardelijk, onherroepelijk en zonder enig
    voorbehoud.
2. Indien meer personen samen een bod uitbrengen of samen kopen,
    zijn zij hoofdelijk verbonden voor de op hen krachtens de veiling
    rustende verplichtingen.
3. Een bod is niet meer van kracht zodra:
    - een hoger bod is uitgebracht, tenzij dat bod tijdens de zitting vóór
       het opmaken van het proces-verbaal van veiling wordt afgewezen;
    - vaststaat dat niet wordt gegund; of
    - de veiling wordt afgelast.
    Het hoogste bod bij de inzet blijft echter van kracht tot het einde van
    het beraad, tenzij eerder aan een ander wordt gegund of vaststaat
    dat niet wordt gegund. Hetzelfde geldt bovendien voor de hoogste
    biedingen op kavels ingeval in combinatie wordt geveild.
Bieden voor een ander
Artikel 5
1. Degene die in de veiling een bod uitbrengt, wordt aangemerkt als
    bieder, ook als hij verklaart niet voor zichzelf te hebben geboden.
2. Iedere bieder heeft, ook zonder dat hij zich dit uitdrukkelijk heeft
    voorbehouden, het recht overeenkomstig het hierna in lid 3 bepaalde
    te verklaren dat hij het bod heeft uitgebracht namens één of meer
    anderen, welke andere(n) hierna verder word(t)(en) aangeduid
    met ”vertegenwoordigde”.
3. Deze verklaring dient vóór de betaling van de koopsom, doch uiterlijk
    zes (6) dagen na gunning, door de bieder aan de notaris te worden
    gedaan en eveneens uiterlijk zes (6) dagen na gunning door de
    vertegenwoordigde schriftelijk te zijn bevestigd. Van deze verklaring
    en bevestiging dient te blijken uit het proces-verbaal van inzet en/of
    afslag of uit een daartoe door de notaris op te maken akte de
    command, waardoor de vertegenwoordigde in de rechten en
    verplichtingen krachtens de veiling treedt, alsof hij zelf het bod heeft
    uitgebracht, behoudens het hierna in lid 4 bepaalde.
4. De bieder is, naast de vertegenwoordigde, hoofdelijk verbonden voor
    de nakoming van de verplichtingen van de koper krachtens de
    veiling. Indien de bieder, ingeval de vertegenwoordigde in verzuim is,
    de koopsom geheel voor eigen rekening voldoet, wordt hij geacht de
    koopovereenkomst voor zichzelf te hebben aangegaan, in welk geval
    de levering van het registergoed aan hem plaatsvindt en hem
    kwijting wordt verleend.
    Van een en ander dient uit de notariële verklaring van betaling te
    blijken. Dit lid laat onverlet de rechten die de bieder eventueel
    jegens de vertegenwoordigde kan doen gelden.
5. Het in de voorgaande leden bepaalde geldt ook voor degene die
    verklaart te bieden als gevolmachtigde of
    vertegenwoordigingsbevoegd orgaan van een rechtspersoon, tenzij
    het een publiekrechtelijk lichaam betreft en degene die heeft
    geboden tijdens de zitting aan de notaris verklaart en aantoont
    namens dat lichaam te handelen, in welk geval dat lichaam als
    bieder wordt aangemerkt.
Meer verkopers
Artikel 6
1. Indien de veiling geschiedt in opdracht van meer verkopers, worden
    zij tezamen aangemerkt als één verkoper. Zij zijn hoofdelijk
    verbonden voor de uit de veiling en de opdracht daartoe
    voortvloeiende verplichtingen.
2. In de opdracht tot veiling -die schriftelijk dient te worden gegeven-
    dient te blijken wie van de verkopers namens de anderen bevoegd is
    alle beslissingen terzake van de veiling te nemen, waaronder die van
    al of niet gunning en afgelasting.
Inzetpremie
Artikel 7
1. De inzetter heeft het recht op een inzetpremie, ten bedrage van één
    procent (1%) van zijn inzetsom. Indien de inzetter omzetbelasting
    verschuldigd is, is deze in de inzetpremie begrepen.
2. De notaris betaalt de inzetpremie aan de inzetter, zodra deze uit de
    bij de notaris gestorte gelden kan worden voldaan, tenzij de inzetter
    de koper is, in welk geval de inzetpremie met de koopsom wordt
    verrekend.
3. Indien de veiling na de inzet wordt ingetrokken, vervalt het recht op
    inzetpremie niet en wordt deze voldaan uit de gelden die de verkoper
    daartoe bij de notaris dient te storten.
Gunning, beraad, niet-gunning en afgelasting
Artikel 8
1. De koopovereenkomst ingevolge de veiling komt tot stand door de
    gunning. De overdracht komt tot stand door de inschrijving van het
    proces-verbaal van toewijzing in de openbare registers, waarbij
    tevens de notariële verklaring van betaling dient te worden
    overgelegd.
2. De verkoper heeft het recht niet te gunnen of zich omtrent het al of
    niet gunnen te beraden.
    De termijn van beraad eindigt de eerste werkdag volgende op de
    afslag om vijf (5) uur in de middag of zoveel eerder als de verkoper
    mocht hebben gegund.
3. Nadat het hoogste bod bekend is geworden, dient de verkoper te
    verklaren of hij gunt en aan wie, of hij gebruik maakt van het recht
    van beraad of dat hij niet gunt. Deze verklaring dient opgenomen te
    worden in het proces-verbaal van inzet en/of afslag.
4. Van de gunning na beraad dient te blijken uit een notariële akte, die
    op de eerstvolgende werkdag nadat de termijn van beraad is
    geëindigd, moet zijn verleden en uit welke akte moet blijken aan
    welke bieder wordt gegund.
5. Indien de verkoper zich binnen de termijn van beraad niet heeft
    uitgesproken omtrent het al of niet gunnen, wordt hij geacht niet te
    hebben gegund.
6. Bij veiling in combinatie kan de verkoper aan bieders voor kavels
    gunnen, zelfs als het bod voor de combinatie van die kavels hoger is.
7. De veiling kan, zolang niet is gegund, steeds en zonder opgave van
    redenen worden afgelast.
Belasting en kosten
Artikel 9
1. Voor zover verschuldigd worden aan de koper in rekening gebracht:
    a. de overdrachtsbelasting;
    b. het honorarium van de notaris;
    c. de inzetpremie;
    d. het kadastrale recht en de kosten van kadastrale recherche;
    e. de kosten van doorhaling van de inschrijvingen van hypotheken en
        beslagen;
    f.  de kosten van advertenties en biljetten, afslagersloon en zaalhuur;
    g. de eventuele kosten van executie ter voorbereiding en organisatie
        van de veiling voor zover hiervoor niet reeds vermeld;
    h. de kosten ingevolge de bijzondere veilingvoorwaarden;
    i.  de kosten van ontruiming.
2. De verkoper is verplicht in de bijzondere veilingvoorwaarden te
    verklaren of ter zake van de levering krachtens de wet
    omzetbelasting verschuldigd is. Indien omzetbelasting verschuldigd
    is, is deze in het bod begrepen. De aan de koper af te geven
    aankoopnota dient het bedrag aan omzetbelasting afzonderlijk te
    vermelden, indien de koper een ondernemer in de zin van de Wet op
    de Omzetbelasting 1968 is.
3. De in lid 1 van dit artikel vermelde belastingen en kosten maken
    nimmer deel uit van het gedane bod, maar zijn daar boven
    verschuldigd.
Tijdstip van betaling
Artikel 10
1. Het door de koper verschuldigde dient te worden betaald binnen de
    volgende termijnen:
    a. de belasting en de kosten vermeld in artikel 9 lid 1 sub a tot en
        met h: uiterlijk zes (6) werkdagen na de gunning;
    b. de waarborgsom volgens artikel 12 lid 1: uiterlijk zes (6)
        werkdagen na de gunning;
    c. de koopsom: uiterlijk zes (6) weken na de gunning, een en ander
        onder verrekening van de sub b hiervoor bedoelde waarborgsom
        alsmede de eventueel door de notaris daarover te vergoeden
        rente.
2. Als vaststaat dat de veiling geen doorgang vindt of de verkoper niet
    tot gunning overgaat, dienen de door verkoper te betalen kosten
    zoals executiekosten en inzetpremie zo spoedig mogelijk te worden
    voldaan.
3. Indien de grootte van het te betalen bedrag op het moment van
    opeisbaar worden nog niet vaststaat, dient een door de notaris
    daarvoor te schatten bedrag te worden voldaan, ter nadere
    verrekening.
4. Zodra de koper nalatig is in enige betalingsverplichting, geldt dit als
    verzuim in de zin van artikel 22 en dient hij zonder dat enige
    ingebrekestelling nodig is, vanaf dat moment over het verschuldigde
    bedrag de wettelijke rente verhoogd met twee procent (2%) te
    vergoeden.
Wijze van betaling, kwijting
Artikel 11
1. Al het door de koper en verkoper terzake van de veiling
    verschuldigde, waaronder begrepen de koopsom inclusief de
    omzetbelasting, dient te worden gestort bij de notaris op de door de
    notaris aan te geven wijze in euro’s.
2. Indien krachtens de Wet op de Omzetbelasting 1968 de heffing van
    de verschuldigde omzetbelasting is verlegd naar de koper, draagt de
    koper aan de notaris ter voldoening van de koopsom af het bedrag
    van het door hem uitgebrachte bod, verminderd met de daarin
    begrepen omzetbelasting.
3. Het recht van de koper om de betaling op te schorten of verrekening
    toe te passen wordt, voor zover de wet dit toestaat, uitdrukkelijk
    uitgesloten, behoudens verrekening met de gestorte en niet bestede
    waarborgsom of met de aan de koper verschuldigde inzetpremie.
4. Zodra de koper aan al zijn betalingsverplichtingen krachtens de
    veiling heeft voldaan, zal daarvan blijken uit een notariële verklaring
    van betaling.
Waarborgsom
Artikel 12
1. De koper dient aan de notaris een waarborgsom te betalen, ten
    bedrage van tien procent (10%) van de koopsom.
2. De notaris restitueert de waarborgsom aan de koper, indien de
    koopovereenkomst anders dan door een toerekenbare tekortkoming
    van de koper is ontbonden, tenzij de verkoper en de koper anders
    zijn overeengekomen.
3. Indien de koper in verzuim is in de nakoming van zijn verplichtingen,
    of indien niet vaststaat of hij in verzuim is, houdt de notaris
    -behoudens eensluidende betalingsopdracht van verkoper en koper-
    de door de koper gestorte waarborgsom onder zich, totdat ingevolge
    een in kracht van gewijsde gegane beslissing van de bevoegde
    rechter of andere bindende uitspraak vaststaat aan wie uitbetaling
    moet plaatshebben. Onder een in kracht van gewijsde gegane
    beslissing wordt mede verstaan een aan de woonplaats van
    gedaagde betekend verstekvonnis, waartegen binnen zes (6) weken
    na de datum van die betekening geen verzet is gedaan.
    De notaris brengt op deze waarborgsom in mindering de volgens
    artikel 9 ten laste van de koper komende belastingen en kosten,
    voor zover verschuldigd en nog niet voldaan.
4. De koper kan aan zijn verplichting tot betaling van een waarborgsom
    ook voldoen door aan de notaris voor eenzelfde bedrag een
    garantieverklaring af te geven, die:
    a. onvoorwaardelijk is en geldig is tot ten minste één (1) maand na
        de voor de betaling van de koopsom vastgestelde uiterlijke datum;
    b. afgegeven dient te zijn door een bank of instelling die onder
        toezicht staat krachtens de Wet toezicht kredietwezen of de Wet
        toezicht verzekeringsbedrijf;
    c. de clausule bevat dat de desbetreffende bank of instelling op
        eerste verzoek van de notaris het bedrag van de garantie aan de
        notaris zal uitkeren.
    Indien het bedrag van de garantie niet tot uitkering is gekomen en
    op de koper geen betalingsverplichtingen meer rusten, bericht de
    notaris de bank of instelling dat de garantie kan vervallen.
5. Het omtrent de waarborgsom met betrekking tot de koper bepaalde,
    geldt ook voor degene die overeenkomstig artikel 5 voor hem heeft
    geboden, en voor de inzetter, met dien verstande dat voor deze
    laatste het bedrag van de waarborgsom dan wordt berekend over de
    inzetsom.
    Deze waarborg vervalt en wordt ongedaan gemaakt, zodra de
    verplichtingen krachtens de veiling van de inzetter of de bieder zijn
    geëindigd.
6. Indien de koper of inzetter of degene die afmijnt niet op tijd voldoet
    aan zijn verplichting tot storting van een waarborgsom casu quo
    afgifte van een garantieverklaring, geldt dit als verzuim waarop het
    bepaalde in artikel 22 van toepassing is, met dien verstande dat
    ingebrekestelling niet vereist is.
Toerekening betalingen
Artikel 13
1. De betalingen door of namens de koper aan de notaris gedaan,
    strekken ter voldoening van het door de koper verschuldigde, en wel
    in volgorde:
    a. de ingevolge de inhoud van de akte(n) verschuldigde
        overdrachtsbelasting en overige kosten als vermeld in artikel 9
        lid 1;
    b. rente, boete en schadevergoeding;
    c. de koopsom, met inachtneming van het bepaalde in artikel 11
        lid 2.
2. Indien in de betaling krachtens artikel 10 lid 1 onder a een bedrag
    bestemd voor overdrachtsbelasting is begrepen die niet verschuldigd
    blijkt te zijn, wordt dit bedrag niet aan de koper gerestitueerd, maar
    aangemerkt als waarborgsom volgens artikel 12 casu quo als
    toevoeging daaraan.
Informatieplicht
Artikel 14
De bieder en de koper zijn verplicht zich tegenover de notaris te legitimeren en al die informatie te verstrekken die nodig is om te kunnen nagaan of aan de financiële verplichtingen ingevolge de veiling kan worden voldaan. Zij geven door het uitbrengen van het bod toestemming aan de notaris, waar nodig, die informatie in te winnen.
De notaris is gerechtigd maar niet verplicht ter zake informatie in te winnen.
Bijzondere lasten, beperkingen en uitsluitingen
Artikel 15
1. De verkoper staat er niet voor in dat het registergoed wordt geleverd
    vrij van bijzondere lasten en beperkingen, waaronder mede begrepen
    beperkte rechten, erfdienstbaarheden, en kwalitatieve verplichtingen.
    De koper kan zich er niet op beroepen dat het registergoed behept is
    met een last of een beperking die er niet op had mogen rusten, of
    dat het niet aan de overeenkomst beantwoordt, tenzij de verkoper
    dat wist. Evenmin staat de verkoper in voor de afwezigheid van
    materiële gebreken in of aan het registergoed waaronder mede
    begrepen eventuele verontreiniging van de bodem. De koper
    aanvaardt de in de bijzondere veilingvoorwaarden vermelde
    bijzondere lasten en beperkingen.
2. Voorzover de wet zulks toelaat, sluiten de notaris en de verkoper
    elke aansprakelijkheid uit.
3. Voorzover de wet zulks toelaat, verlenen de notaris en de verkoper
    geen enkele vrijwaring.
Omschrijving van de leveringsverplichting
Artikel 16
1. De verkoper is verplicht aan de koper de eigendom of -indien het
    registergoed een ander recht betreft- dat recht te leveren.
2. Indien de door verkoper opgegeven maat of grootte van het
    registergoed niet juist is, zal geen van de partijen daaraan enig recht
    ontlenen. Dit lijdt ten opzichte van de koper uitzondering, indien de
    desbetreffende door de verkoper gedane opgave niet te goeder
    trouw is geschied.
3. Indien het registergoed verhuurd of verpacht is, gaan de rechten en
    plichten uit de huur of pacht op de koper over voor zover de wet dit
    voorschrijft.
    Indien huur- en pachttermijnen alsmede overige aanspraken zijn
    verpand aan de verkoper of derden, dient deze daarvan mededeling
    te doen in de bijzondere veilingvoorwaarden. Per de datum van de
    notariële verklaring van betaling doet de verkoper afstand van het
    pandrecht, waaronder begrepen van de bevoegdheid tot het innen
    van nog niet betaalde huur- en pachttermijnen, hetgeen door de
    koper wordt aanvaard. Eventueel reeds geïnde of nog te innen
    termijnen worden per de datum van betaling verrekend tussen
    verkoper en koper.
4. Roerende zaken die op of in het registergoed aanwezig zijn en niet
    vallen onder de omschrijving bedoeld in artikel 3:254 van het
    Burgerlijk Wetboek, zijn niet in de verkoop of levering begrepen,
    tenzij uitdrukkelijk anders vermeld in de bijzondere
    veilingvoorwaarden.
5. Indien het registergoed een ander recht dan eigendom betreft, geldt
    het in dit artikel bepaalde voor zover de voorwaarden van dat recht
    niet anders luiden.
Levering
Artikel 17
1. Zodra de aan de gunning verbonden voorwaarde van algehele
    betaling is vervuld, kan de levering van het registergoed worden
    voltooid als in de leden 2 en 3 omschreven. Zowel de koper als de
    verkoper kan dit eenzijdig bewerkstelligen.
2. De levering van het registergoed geschiedt door de inschrijving in de
    openbare registers van de eventuele afzonderlijke akte van
    bijzondere veilingvoorwaarden, van het/de proces(sen)-verbaal van
    inzet en afslag, van de eventuele akte van gunning, van de
    eventuele akte de command, samen met de notariële verklaring van
    betaling.
    Zonder bovenbedoelde notariële verklaring van betaling zijn de
    overige genoemde akten niet bestemd en evenmin geschikt voor
    inschrijving in de openbare registers en kunnen deze derhalve de
    overdracht niet bewerkstelligen.
3. In geval van veiling van een lidmaatschap kunnen de ter zake van
    de veiling opgemaakte akten de overdracht van het lidmaatschap,
    met inachtneming van de daarvoor in de statuten gestelde eisen,
    eerst tot stand brengen nadat zij gevolgd zijn door de notariële
    verklaring van betaling.
4. De notariële verklaring van betaling moet door de notaris binnen tien
    (10) dagen na ondertekening ter registratie worden aangeboden.
5. Na de levering kan ontbinding van de koopovereenkomst niet meer
    gevorderd worden. Dit beding is naar het oordeel van verkoper en
    koper in de onderhavige executieverkoop een kernbeding als
    bedoeld in artikel 6:231 van het Burgerlijk Wetboek, zonder welke de
    overeenkomst niet tot stand zou zijn gekomen.
6. De notaris handelt met de door hem ontvangen koopsom op de wijze
    als de wet in artikel 3:270 van het Burgerlijk Wetboek of in artikel
    551 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering aan de notaris
    voorschrijft.
7. De verkoper is niet tot enige assistentie gehouden bij de doorhaling
    van inschrijvingen van vervallen hypotheken, beslagen en beperkte
    rechten bedoeld in artikel 3:273 leden 2 en 3 van het Burgerlijk
    Wetboek, behoudens voor zover het betreft de inschrijvingen van
    vervallen beperkte rechten die ten behoeve van de verkoper zelf zijn
    gevestigd.
Risico en verzekering
Artikel 18
1. Het registergoed is voor risico van de koper vanaf de gunning.
2. De koper is verplicht vanaf het moment dat hij het risico draagt tot
    het moment van betaling van de koopsom ervoor te zorgen dat de
    tot het registergoed behorende opstallen bij een solide
    verzekeringsmaatschappij op de in Nederland bij
    schadeverzekeringsmaatschappijen gebruikelijke voorwaarden voor
    herbouwwaarde verzekerd zijn.
    Deze verplichting geldt niet voor zover de koper kan aantonen, dat
    een dergelijke verzekering in redelijkheid niet mogelijk is of de koper
    een overheidsinstantie is die haar opstallen niet pleegt te
    verzekeren. De koper dient desverlangd het bewijs van verzekering
    en van premiebetaling over te leggen. De verkoper is bevoegd bij de
    verzekeringsmaatschappij inlichtingen te vragen.
    Is de koper nalatig in zijn verplichting tot verzekeren of in het
    verstrekken van informatie daarover, dan is de verkoper gemachtigd
    de verzekering op naam en voor rekening van de koper te sluiten.
Aflevering
Artikel 19
1. Aflevering van het registergoed vindt, tenzij in de bijzondere
    veilingvoorwaarden anders is bepaald, plaats op de dag dat de
    koopsom moet worden betaald, mits de koper de koopsom en alle
    overige ter zake van de veiling door hem verschuldigde bedragen
    heeft voldaan.
2. Indien de aflevering op grond van de bijzondere veilingvoorwaarden
    of een nadere overeenkomst plaatsvindt voordat de koopsom
    betaald is, vergoedt de koper over de koopsom de wettelijke rente
    vanaf de dag van aflevering tot en met de dag van betaling.
    Indien de koper vervolgens nalatig is in de nakoming van zijn
    betalingsverplichtingen, eindigt zijn gebruiksrecht terstond en dient
    hij het registergoed onmiddellijk in de oorspronkelijke staat, leeg en
    ontruimd, ter beschikking van de verkoper te stellen. De verplichting
    tot betaling van de wettelijke rente en de verhoging van twee procent
    (2%) eindigt aan het einde van de dag waarop het registergoed weer
    in de voorgeschreven staat ter beschikking van de verkoper staat,
    onverminderd het bepaalde in artikel 10 lid 4.
3. De verkoper zal de koper voor zover mogelijk in de gelegenheid
    stellen het registergoed voor de aflevering te bezichtigen.
4. Het registergoed wordt afgeleverd in de feitelijke toestand waarin het
    zich op het moment van aflevering blijkt te bevinden. Indien het
    registergoed na de gunning, geheel of gedeeltelijk, tenietgaat, wordt
    beschadigd of anderszins in waarde daalt kan dit, ongeacht de
    oorzaak, niet aan de verkoper worden tegengeworpen.
5. De aanwezigheid van bewoners en/of gebruikers bij de aflevering van
    het registergoed is voor rekening en risico van de koper.
Ontruiming
Artikel 20
1. Indien het registergoed bij de eigenaar en de zijnen in gebruik is, en
    derhalve niet vrij van gebruik wordt afgeleverd, kan de koper de
    ontruiming bewerkstelligen uit kracht van de grosse(n) van de
    daartoe benodigde akte(n), desnoods met behulp van de sterke arm.
    Dit geldt niet indien op grond van de bijzondere veilingvoorwaarden
    aflevering plaatsvindt niet vrij van bewoners en/of gebruikers.
2. In de bijzondere veilingvoorwaarden wordt opgenomen welke van de
    volgende (delen van) leden van toepassing zijn:
    a. De koper aanvaardt het verkochte in de staat waarin het zich ten
        tijde van de feitelijke levering blijkt te bevinden en overigens
        onder gestanddoening van de lopende huurovereenkomsten.
    b. De koper aanvaardt het verkochte in de staat waarin het zich ten
        tijde van de feitelijke levering blijkt te bevinden en overigens is de
        verkoper niet bekend met huurovereenkomsten inzake het
        verkochte.
    c.  Indien de koper het verkochte geheel of gedeeltelijk aanvaardt
        onder gestanddoening van lopende huur- of
        huurkoopovereenkomsten staat de verkoper er niet voor in dat niet
        is, of zal worden, beschikt over de bij de feitelijke levering nog niet
        verschenen betalingstermijnen.
    d. Indien de koper het verkochte geheel of gedeeltelijk aanvaardt
        onder gestanddoening van lopende huur- of
        huurkoopovereenkomsten staat de verkoper er niet voor in dat
        vanaf het tot stand komen van de koop bestaande huur- of
        huurkoopovereenkomsten niet worden gewijzigd, het registergoed
        niet geheel of gedeeltelijk wordt verhuurd, in huurkoop wordt
        gegeven of op enigerlei andere wijze in gebruik wordt afgestaan.
    e. Ingeval het registergoed uit woonruimte als bedoeld in artikel
        3:264 lid 5 van het Burgerlijk Wetboek bestaat, verklaart de
        verkoper het verlof tot het inroepen van het huurbeding aan de
        voorzieningenrechter van de Rechtbank te hebben gevraagd
        volgens het aan de akte van veilingvoorwaarden gehechte
        verzoekschrift.
     f. Ingeval het registergoed niet uit woonruimte als bedoeld in artikel
        3:264 lid 5 van het Burgerlijk Wetboek bestaat, doet de verkoper
        bij deze een beroep op de nietigheid van huur, pacht- of andere
        gebruiksrechten alsmede van de vooruitbetaling van huur- of
        pachtpenningen, alles voor zover deze zijn aangegaan of verricht
        in strijd met het huurbeding ten behoeve van de verkoper. 
    g. De uitoefening van de in artikel 3:264 van het Burgerlijk
        Wetboek vermelde bevoegdheid wordt aan de koper overgelaten.
        De uitoefening van de bevoegdheid geschiedt voor rekening en
        risico van de koper.
        Indien het registergoed in gebruik is en niet vrij van gebruik wordt
        geleverd, is het aan de koper om op zijn kosten ontruiming van
        het verkochte te bewerkstelligen. De verkoper staat niet in voor
        kopers bevoegdheid tot ontruiming.
3. Ingeval van een executieveiling door een beslaglegger doet deze
    een beroep op nietigheid van na de beslaglegging gesloten
    overeenkomsten van huur of pacht, behoudens het bepaalde in
    artikel 505 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ten
    aanzien van de verhuur van woonruimte.
Gevolgen van gebreken bij aflevering
Artikel 21
Gezien het bepaalde in de artikelen 18 lid 1 en 19 lid 4 zijn de gevolgen in geval van gebreken bij aflevering die niet zijn het gevolg van een toerekenbare tekortkoming van de verkoper volledig voor rekening van de koper.
Niet nakoming
Artikel 22
1. Bij niet of niet tijdige nakoming van de koopovereenkomst, anders
    dan door een niet aan één der partijen toe te rekenen tekortkoming,
    is de nalatige partij aansprakelijk voor alle daaruit voor de
    wederpartij ontstane schade met kosten en rente, ongeacht het feit
    of de nalatige partij in verzuim is in de zin van het volgende lid.
2. Indien één van de partijen, na bij deurwaardersexploit of
    aangetekend schrijven in gebreke te zijn gesteld, gedurende drie (3)
    dagen met de nakoming van één of meer van zijn verplichtingen
    nalatig blijft, is deze partij in verzuim en heeft de wederpartij de
    keuze tussen:
    a. nakoming van de koopovereenkomst te vorderen indien dit in
        redelijkheid van de nalatige verlangd kan worden, in welk geval de
        nalatige na afloop van de vermelde termijn van drie (3) dagen
        voor elke sedertdien ingegane dag tot aan de dag van nakoming
        een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd is van drie pro
        mille (3 o/oo) van de koopsom met een minimum van in elk
        geval duizend euro (€1.000,--), of,
    b. de koopovereenkomst zonder rechterlijke tussenkomst ontbonden
        te verklaren en betaling van een onmiddellijk opeisbare boete van
        vijftien procent (15%) van de koopsom te vorderen.
3. In geval van niet-nakoming door de verkoper heeft de koper het in
    lid 2 sub b vermelde recht slechts, indien het gebrek van zodanige
    aard en omvang is, dat de koper aannemelijk kan maken, dat hij
    niet gekocht zou hebben indien hij van dit gebrek op de hoogte zou
    zijn geweest. Zo niet, dan heeft de koper alleen recht op vergoeding
    van de door het gebrek veroorzaakte waardevermindering en andere
    schade. Indien partijen van mening verschillen omtrent het in dit lid 3
    bepaalde, is de uitspraak van drie deskundigen, die op de in lid 5
    vermelde wijze worden benoemd, beslissend.
4. Indien de verkoper, na de koopovereenkomst ontbonden te hebben
    verklaard, binnen zes (6) maanden tot herveiling overgaat op
    dezelfde voorwaarden als waarop de oorspronkelijke veiling
    plaatsvond, wordt de schade van de verkoper, vastgesteld op het
    nadelig verschil tussen de koopsom van de oorspronkelijke veiling en
    die van de herveiling, verhoogd met kosten en rente. Indien in de
    herveiling de koopsom hoger is dan die van de oorspronkelijke
    veiling, zal de in verzuim zijnde koper van die meerdere opbrengst
    geen voordeel genieten.
5. In alle andere gevallen dan verkoop in herveiling, overeenkomstig
    het bepaalde in lid 4, zal de door de verkoper geleden schade
    worden vastgesteld door drie deskundigen die benoemd worden door
    de kantonrechter, binnen wiens ressort het registergoed is gelegen.
    Nadat de meest gerede partij zich jegens de wederpartij schriftelijk op
    deze bepaling heeft beroepen, heeft de wederpartij gedurende een
    maand de gelegenheid om voor berechting van het geschil door de
    volgens de wet bevoegde rechter te kiezen.
6. Betaalde of verschuldigde boete strekt in mindering van
    verschuldigde schadevergoeding met rente en kosten.
Dwingend recht
Artikel 23
De veilingvoorwaarden gelden slechts voor zover de wet niet dwingend een andere regeling voorschrijft.
Slotbepalingen
Artikel 24
1. De Algemene Termijnenwet (Staatsblad 1964, nummer 314) is van
    toepassing op de termijnen, die in deze veilingvoorwaarden zijn
    vermeld.
2. Aan de koper wordt niet eerder een grosse afgegeven dan nadat hij
    aan al zijn verplichtingen, voortvloeiende uit de veiling, heeft voldaan.
3. Eenieder wordt geacht onmiddellijk belanghebbende persoon te zijn
    in de zin van artikel 49 van de Wet op het Notarisambt ten aanzien
    van de inhoud van de akte, waarbij de inhoud van deze
    veilingvoorwaarden is vastgesteld.
4. Van eventuele aanvullingen op, of afwijkingen van deze voorwaarden
    dient uit de bijzondere veilingvoorwaarden te blijken. In geval van
    tegenstrijdigheid tussen deze algemene voorwaarden en de
    bijzondere veilingvoorwaarden gelden de laatste.
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten
Trip notarissen.
Standaardsite gemaakt met website software van Ziber